Hij komt met de wolken

en alle ogen zullen Hem zien

Dwaalleer

'Want dit zeggen wij door het woord van de Heer, dat wij, de levenden die overblijven tot de komst van de Heer, de ontslapenen geenszins zullen vóórgaan. Want de Heer Zelf zal met een bevelend roepen, met de stem van een aartsengel en met de bazuin van God neerdalen van de hemel; en de doden in Christus zullen eerst opstaa; daarna zullen wij, de levenden die overblijven, samen met hen in wolken worden opgenomen de Heer tegemoet in de lucht; en zó zullen wij altijd met de Heer zijn. Vertroost daarom elkaar met deze woorden.'


De meest gebruikte zoekterm waaronder mensen deze website vinden, is ‘Opname van de gemeente dwaalleer’. Voor veel mensen is het kennelijk de vraag of de leer van de opname van de gemeente een dwaalleer is. Het omgekeerde is het geval. Het ontkennen van de opname van de gemeente is een dwaalleer. Alle informatie die niet in overeenstemming is met de Bijbel is desinformatie. En de Bijbel leert duidelijk, in allerlei toonaarden, dat er in de toekomst een opname van de gemeente zal plaatsvinden. De duidelijkste tekst hierover vinden we in 1 Thessalonisenzen 4:13-17. Puntsgewijs vinden we daar de volgende informatie:

(1) De Heer zelf zal van de hemel neerdalen

a. Met een geroep

b. Met de stem van een aartsengel

c. Met de bazuin van God

(2) De doden in Christus zullen eerst opstaan

(3) Daarna zullen wij, de levenden die overbijven tot de komst van de Heer samen met hen in wolken worden opgenomen – voor het woord ‘opgenomen’ gebruikt Paulus hier het Griekse woord ‘Harpazo’, wat in Latijn ‘Rapturo’ is, wat in het Engels wordt weergegeven door ‘Rapture’.

(4) Om de Heer te ontmoeten in de lucht

(5) En zo zullen wij altijd met de Heer zijn

Paulus schrijft deze dingen aan de gemeente in Thessaloniki ‘door een woord van de Heer’. Het is niet het woord van Paulus maar het woord van de Heer Zelf. De Heer heeft deze boodschap gegeven als een belangrijk woord van troost. ‘Vertroost elkaar met deze woorden’, zo eindigt het bericht over de opname. Deze troost is de gemeente eeuwenlang ontnomen door dwaalleer van de kerk. Dat is begonnen bij de fase in de kerkgeschiedenis waarvan Jezus zegt: ‘Ik weet waar U woont, waar de troon van satan is…’ Na de eeuwen van vervolging begon in de vierde eeuw na Christus de tijd waarin het christendom staatsgodsdienst werd en de kerk een belangrijke positie kreeg, een positie van heerschappij. Pausen heersten over koningen. Pausen waren de vervangers van Romeinse keizers. Daarbij paste geen plotselinge terugkeer van Jezus die zijn gemeente kwam halen voor een hemels bruiloftsfeest. Daar paste veel beter het beeld bij van een Jezus die als Ceasar zijn thuishaven, Rome, tegemoetging en daar werd tegemoetgekomen door een menigte Romeinen en onder zang en dans werd binnengeleid.

En zo ontstond het idee van een terugkeer van Christus aan het einde der tijden met tegelijkertijd een opname en een dodenopstanding en een oordeel over levenden en doden – alles op één en hetzelfde moment. Dat vele schriftgetrouwe christenen zuchtten onder het zware juk van vervolging door het Rooms Katholicisme, was uiteraard geen reden voor een nuanciering van het beeld van de ‘bevriende stad’, die de wereld voor de terugkerende Jezus zou zijn.

Het beeld van een opname aan het eind van de ‘apocalyps’ komt voort uit de Rooms Katholieke kerk en staat lijnrecht tegenover het beeld dat de Bijbel beschrijft. De Bijbel noemt de wereld bepaald geen ‘bevriende stad’. De wereld heeft Christus verworpen en gekruisigd. Veel organisaties met een christelijk sausje, hebben diep van binnen niets met Christus te maken. Het zijn in wezen antichristelijke machten en dienen in het geheim de grote tegenstander van God, Lucifer. ‘Zie toe dat niemand u misleidt. Velen zullen komen onder mijn naam’, waarschuwde Jezus zijn discipelen in de Olijfbergrede over de eindtijd.

De wereld heeft Mij gehaat, zij zal u ook haten, was de boodschap van Jezus tot zijn discipelen. Paulus noemt de huidige tijd ‘de tegenwoordige boze eeuw’ (vertaald met 'slechte wereld'), schrijft dat we strijd moeten leveren tegen de wereldbeheersers van de duisternis, tegen boze machten in de hemelse gewesten. Hij schrijft dat satan de god is van ‘deze eeuw’ en de prins van ‘deze kosmos’. Hij schrijft dat wij nog niet alle dingen aan Jezus onderworpen zien. Hij schrijft dat de schepping zucht en in barensnood is. Tegen zijn discipelen zegt Jezus weliswaar dat Hem is gegeven alle macht in de hemel en op aarde maar gezien de informatie die we hebben uit handelingen en de brieven (en gezien alles wat we in de wereld om ons heen waarnemen), kunnen we niet anders dan concluderen dat Hij die macht nog niet uitoefent. Dat moment moet nog komen en wordt beschreven in het boek Openbaring, vanaf hoofdstuk 6. Het gebeurt vanaf het verbreken van de zeven zegels van de boekrol door het Lam. Dat is nog toekomstig. En de gemeente is daarbij aanwezig, voorgesteld in het beeld van de vierentwintig oudsten, wat we al zien in Openbaring 4 en Openbaring 5. Dat betekent dat de opname van de gemeente in de hemel plaatsvindt vóórdat Christus zijn claims op hemel en aarde gaat uitoefenen. Eerst wordt de hemel schoongeveegd (nu nog gedeeltelijk het domein van ‘wereldbeheersers van duisternis’ en ‘machten van boosheid’) – dat zien we gebeuren in Openbaring 12. Satan wordt dan plotseling erg beperkt in zijn bewegingsvrijheid en gaat op aarde nog drie en een half jaar als een razende tekeer. Daarna wordt ook de aarde schoongeveegd, wat we lezen in Openbaring 19.

De leer van de opname aan het einde der tijden met de ontvangst van Jezus door een Kerk als stedehouder van Christus, die Hem met open armen ontvangt, is een zeer ernstige dwaalleer omdat het de mensheid ontvankelijk maakt voor de komst van de antichrist. Dit is namelijk de manier waarop de antichrist zal worden ontvangen. Niet voor Jezus maar voor de antichrist wordt de rode loper uitgerold. Het voorspel daarvoor is al een paar eeuwen aan de gang. De Rooms Katholieke kerk ziet zichzelf met de Paus aan het hoofd nog steeds als plaatsvervanger van Christus op aarde en probeert de ‘afvallige’ zusterkerken weer onder haar vleugels te krijgen, samen met alle godsdiensten (merkwaardig, het kruis ontbreekt - maar dat klopt precies met wat Paulus schrijft in 1 Korinthiërs 1: het kruis is voor de wereld een dwaasheid), wat aardig aan het lukken is. De oecumene is in volle gang. Veel protestantse kerken buigen voor Rome en zij propageren alle politieke ideeën waar Rome voor staat. Er komt een moment dat vanuit Rome zal worden geproclameerd dat Christus is teruggekeerd en dat Hij wereldwijd moet worden aanbeden in de wereldgodsdienst die dan zal worden geproclameerd. Het zal echter de antichrist zijn, die bij de terugkeer van Christus met de wolken van de hemel, in grote kracht een heerlijkheid, zal worden vernietigd.

De leer van de opname van alle ware gelovigen, voordat hier op aarde een tijd van grote verdrukking aanbreekt, past absoluut niet in het beeld dat Rome aan de wereldwijde kerk probeert op te leggen. Deze leer wordt daarom zoveel mogelijk genegeerd en waar mogelijk in discrediet gebracht. In de VS, waar een groot aantal kerken huist, die de leer van de opname vóór de grote verdrukking volgen, is sprake van een regelrechte aanval op de leer van ‘the pretribulational rapture of the church’, de opname vóór de grote verdrukking. We zullen in het vervolg wat linkjes van video’s geven en daar wat commentaar bij zetten, dat aangeeft hoe subtiel de aanval op de leer van de opname is en hoe weinig argumenten er zijn tegen een opname voor de grote verdrukking.

WORDT VERVOLGD


Commentaar bij Video 1 - Ben Witherington

Een zekere Ben Witherington probeert in deze video in 7 minuten heel geslepen de leer van de opname van de gemeente in diskrediet te brengen.

Het eerste wat hij doet, is beginnen met een bewering die waar is, namelijk dat je een tekst die je uit een context weghaalt overal voor kunt gebruiken. ‘Elke ketter heeft zijn eigen letter’, zeggen we in het Nederlands. En gezien zijn uitgelezen standpunt is het natuurlijk de leer van de opname, die zich schuldig zou maken aan een verkeerd lezen van Bijbelteksten. Maar vervolgens doet hij precies datgene waarvoor hij eerst zelf waarschuwt. Hij plaatst het concept van de ‘rapture’, de opname van de gemeente, in de totaal verkeerde context van de olijfbergrede van de Heer Jezus uit Mattheüs 24. Die rede begint met twee vragen van de discipelen: (1) Wanneer zullen deze dingen gebeuren – de vernietiging van de tempel, waar Jezus op had gewezen toen ze de tempel even daarvoor verlieten – en (2) Wat is het teken van uw komst en van de voleinding van de eeuw (aion).

Het antwoord op de eerste vraag lees je in het evangelie naar Lucas – 'wanneer u Jeruzalem door legerkampen omsingeld ziet'. Dat is vervuld in het jaar 70 na Christus, door de legioenen van Titus. Het antwoord op de tweede vraag lees je vooral hier, in Mattheus. Maar de zichtbare komst van Jezus in heerlijkheid en het einde van de tegenwoordige boze eeuw valt niet samen met de opname van de gemeente. Daarom is het misleidend te zeggen: Kijk naar Mattheus 24, ik lees daar niets over de opname. Of dit klopt helemaal niet met de leer van de opname. Nee, dat was ook niet de vraag van de discipelen. Het geheimenis van de opname was hen nog niet geopenbaard. Dat zou pas enkele dagen later gebeuren in de bovenzaal, waar Jezus in het besloten gezelschap van de elf (Judas was al weg) zou vertellen van het vaderhuis met de vele woningen, dat Hij plaats voor hen ging bereiden en terug zou komen en hen zou brengen waar Hij was. Dát is de allereerste openlijke heenwijzing naar de opname en Paulus werkt dat verder uit in 1 Thessalonisenzen 4. Maar dáárover hoor je dhr. Witherington niet. In plaats daarvan komt hij in het kader van de opname aanzetten met de profetische einde-van-de-eeuw-rede op de Olijfberg. Die heeft niets te maken met de opname.

Vervolgens gaat meneer Witherington heel omstandig uitleggen dat de term ‘Left behind’ (achter gelaten) eigenlijk iets goeds zou betekenen omdat diegene achterblijft om het koninkrijk van de Messias binnen te gaan, terwijl degene die ‘wordt weggenomen’, wordt weggenomen door het oordeel. Hoewel dat een mogelijke uitleg is, valt hier flink wat op af te dingen, gezien het woord voor ‘mee- of weggenomen’. Dat is namelijk het woord ‘paralambano’, wat in de meeste gevallen een positieve betekenis heeft van ‘opnemen in gezelschap’ en nooit ‘wegnemen in een oordeel’. Maar ook al zou het die laatste betekenis hebben, dit gaat inderdaad, dat is terecht opgemerkt in de video, niet over de opname maar over een schifting die plaatsvindt bij de komst van de Heer. Gezien de positieve betekenis van het woord zou ik het zelf koppelen aan Matteheus 24 vers 31, waar staat: ‘En Hij zal Zijn engelen uitzenden onder luid bazuingeschal, en zij zullen Zijn uitverkorenen bijeenbrengen uit de vier windstreken, van het ene uiterste van de hemelen tot het andere uiterste ervan.’ Dit gaat over het bijeenbrengen van alle uitverkorenen in het koninkrijk. Zij die niet worden meegenomen blijven achter en komen het koninkrijk niet in.

Volkomen terecht koppelt meneer Witherington het aan- of wegnemen en het achterblijven aan de context, dat is geschiedenis van Noach. ‘Zoals de dagen van Noach waren', zo begint het stuk en dan komt op een gegeven moment in Mattheüs 24:40: ‘Dan zullen er twee op de akker zijn; de één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden. Er zullen twee vrouwen malen met de molen; de één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden.’ Echter, het is uit die vergelijking alleen niet op te maken wat bedoeld wordt met ‘aangenomen’ en ‘achtergelaten’. Het ‘aangenomen’ kan ook vergeleken worden met ‘aangenomen aan boord van de ark’, ‘aangenomen in het gezelschap van Noach’ en het ‘achtergelaten’ als ‘achtergelaten in het oordeel’. Gezien de betekenis van paralambano is dat een betere uitleg, die ook prima in de context past. Wat Witherington vervolgens doet met zijn twijfelachtige uitleg is ronduit laakbaar. Hij probeert met zijn uitleg de volledige serie ‘Left Behind’ belachelijk te maken. ‘Ironisch toch? – zo zegt hij zelf’.

Dan schakelt hij over op 1 Thessalonisenzen 4 en dat zou dan de volgende belangrijke bewijstekst zijn voor de opname van de gemeente – en daarmee herhaalt hij dus de leugen dat Mattheus 24 een bewijstekst voor de opname zou zijn. Dat is het absoluut niet.

Wat Witherington vervolgens doet met 1 Thessalonisenzen 4:13-18 gaat volledig in tegen zijn eigen uitgangspunt, waarmee hij begon, namelijk de tekst in zijn verband lezen. Allereerst leest hij de tekst niet. Ten tweede verzint hij er van alles en nog wat bij wat er niet staat. En ten slotte ziet hij het verband volledig over het hoofd. We gaan die punten hier kort even na.

Allereerst, hij leest de tekst niet en gebruikt alleen datgene wat hem te pas komt. Wat hij bijvoorbeeld weglaat zijn ‘de bazuin van God’, ‘het bevelend roepen’ van de Heer, ‘de stem van de aartsengel’, ‘dat wij, die overblijven met de opgestane doden in Christus in wolken worden opgenomen’ en het ‘zo zullen wij altijd met de Heer zijn’. Dit zijn allemaal elementen die niet passen in de uitleg van Witherington, die gegoten is in de parabel van de koning, die terugkeert van de strijd en door de thuisstad met open armen wordt ontvangen.

Ten tweede verzint hij er van alles en nog wat bij, wat nergens in de tekst te vinden is. Nergens staat dat de gelovigen van Thessaloniki bezorgd waren dat hun overleden dierbaren de opstanding zouden missen, nergens staat dat ze bang waren dat de overledenen de terugkeer van de Heer zouden missen, nergens staat dat ze bang waren dat de dierbaren de zegeningen het koninkrijk, in haar volheid aanbrekend op aarde, zouden missen. Dat maakt Witherington er allemaal zelf van. Er staat alleen in 1 Thessalonicenzen 4:14 'Want als wij geloven dat Jezus gestorven en opgestaan is, zal ook God op dezelfde wijze hen die in Jezus ontslapen zijn, brengen met Hem.’

Daar gaat het om, dat God de ontslapenen met Hem zou brengen en dan komt de befaamde bewijstekst van de opname van hoe God dat doet, namelijk dat God de overleden gelovigen opwekt en dat wij, die overblijven tot de komst van de Heer, samen met hen de Heer tegemoet gaan in de lucht.’ Het is God die de ontslapenen met de op dat moment levende gelovigen brengt in het gezelschap van Jezus om voortaan eeuwig in zijn gezelschap te verkeren. Het 'met Hem brengen' heeft dezelfde betekenis als 'zo zullen wij altijd met de Heer zijn'. Overal waar Hij gaat, gaan wij ook. Ook als hij zeven jaar later terugkeert naar de aarde. Maar daar is bij de opname van de gemeente nog geen sprake van. Paulus rept er met geen woord over.

Nergens staat in deze tekst ook maar iets over de komst van de Heer om zijn koninkrijk op te richten. Helemaal niets. Dat ontbreekt volledig, in weerwil tot alles wat Witherington er allemaal bij verzint. Er staat ook helemaal niets over een ‘begroetingscomité’ en het begeleiden van de Heer terug naar de aarde. Weliswaar wordt de term 'Parousia' door Paulus hier genoemd: '1 Thessalonicenzen 4:15 Want dit zeggen wij u met een woord van de Heere, dat wij die levend zullen overblijven tot de komst van de Heere, de ontslapenen beslist niet zullen voorgaan.' Er zijn gelovigen die 'overblijven' tot de 'komst' ('Parousia') van de de Heer. En dan gaat Witherington er vanuit dat die komst van de Heer één enkele dag betekent, de dag van de zichtbare terugkeer van Christus op aarde. En, zo concludeert hij dan volkomen onterecht, wij blijven dus over tot op zijn komst in heerlijkheid en dan vindt pas de opname plaats, die hier wordt beschreven. Echter, het woord 'parousia' heeft een veel bredere betekenis dan alleen maar de 'komst' in de zin van het 'arriveren', ergens 'aankomen'.

En dan de belangrijke context. De Heer keert juist niet terug naar de aarde. Dat blijkt uit het vervolg in hoofdstuk 5, dat direct volgt op de 'bewijstekst voor de opname en waar sprake is van de tijden en gelegenheden en zij die zeggen ‘vrede en geen gevaar’ en een groot verderf dat over hen zal komen. Na de opname van de gemeente zal hier op aarde eerst een grote misleiding rondgaan, gevolgd door zeven jaren grote verdrukking.

Het beeld van de koning die van de strijd terugkeert en door zijn thuisstad wordt ontvangen slaat absoluut niet op de opname. De Heer komt niet terug van een strijd maar komt van de vader, waar Hij 2000 jaar lang als Hogepriester voor zijn gemeente heeft gebeden en met hen heeft meegeleden en waar Hij woningen heeft bereid om eindelijk zijn gemeente te brengen waar Hij Zelf al die tijd al was. Het is niet het beeld van een terugkerend vorst maar het beeld van een Joodse bruidegom, die zijn bruid komt halen.

Deze wereld is voor de Here Jezus geen ‘thuisstad’ maar is één en al vijandschap en een schepping die door Hem bevrijd moet worden uit de klauwen van machtige vijanden. Die bevrijding vindt plaats zeven jaar nadat de bruid al uit die vijandige wereld is verplaatst naar het vaderhuis. En dan pas zal de koning ingaan door de poorten van Jeruzalem.

Het ontvangstcomité in Jeruzalem zal echter niet bestaan uit de gemeente die vandaag nog op aarde is maar uit Israëlieten die Hem in de tijd van verdrukking trouw zijn geweest gedurende de 3,5 jaar wereldheerschappij van het beest en afgoderij vanuit diezelfde stad. Zij zijn de 144.000 die met het Lam op de berg Sion worden gezien in Openbaring 14. Zij zijn de enigen die het lied van het Lam kunnen leren. Zij zullen Hem Psalm 24 toezingen.

Als je echter de Bijbelse leer van de opeenvolgende eeuwen (Grieks: aion) miskent, dan gooi je alle gelovigen van alle tijden op één grote hoop. Dan is er geen onderscheid en dan raak je hopeloos in de knoei met het woord van God.

Het beeld van de wachter op de muur, die vraagt om de identiteit van de terugkerende vorst voordat diegene toegang krijgt tot de stad, is ook in flagrante tegenspraak met de inhoud van 1 Thessalonisenzen 4. Want er gaat geen roep uit vanaf de aarde naar Christus om zich te identificeren ‘Wie is de koning der ere?’ Er is alleen een bevelend roepen van Christus naar beneden, naar zijn bruid om haar tot zich te roepen uit de wereld die op het punt staat los te breken in de grote verdrukking en om haar te leiden in het vaderhuis.

En dan eindigt hij met het ontkennen van de rapture zelf. Let goed op, hij noemt het geen ‘post tribulation rapture’. En terecht. Want een ‘rapture’ heeft ‘post tritulation’, als de grote verdrukking al beëindigd is, ook helemaal geen zin. Dan is het alleen maar een ‘ophalen van de koning’. Als de bestemming deze aarde is. Waarom zouden we dan eerst in wolken moeten worden opgenomen in de lucht? Dat heeft totaal geen zin. Dat heeft alleen zin als de hemel de finale bestemming is van degenen die deelhebben aan de opname. De transformatie van de levende gelovigen naar heerlijkheid, waar 1 Korinthiërs 15 over spreekt, wordt door dhr. Witherington ook maar niet aangeroerd. Dat gedeelte wordt ingeleid met de uitspraak van Paulus: 'de vergankelijkheid beërft de onvergankelijkheid niet.' De huidige aarde waar de Heer naar terugkeert is niet onvergankelijk maar zal volgens 2 Petrus 3 brandend vergaan. En daarna zullen er volgens Openbaring 21 een nieuwe hemel en een nieuwe aarde worden geschapen. Dat wij bij de opname worden veranderd in een ondeelbaar ogenblik, is met het oog op onze ingang in de onvergankelijkheid, niet om de koning te begeleiden naar een stad die uiteindelijk zal vergaan.

Alles komt aan op een nauwkeurig lezen van de tekst en van de context. Wie dat niet doet komt in een doolhof van dwaalleer terecht, zoals deze Witherington.

Conclusie:

De argumenten die tegen een opnamen van de gemeente voor de grote verdrukking in stelling worden gebracht houden geen stand. De heer Witherington zondigt tegen de uitlegkundige principes die hij anderen voorhoudt, namelijk dat je een tekst goed in de context moet lezen omdat je een tekst anders alles kan laten zeggen wat je wil. En in dat laatste leeft Witherington zich dan ook lekker uit door er naar hartelust op los te fantaseren wat Paulus allemaal al niet in gedachten zou hebben gehad bij wat hij schreef in 1 Thessalonisenzen 4:13-18, tot aan de ontvangst van de koning of keizer die terugkeerde van zijn veldtocht aan toe. Verder vergaloppeert hij zich door bewijsteksten voor de pretrib rapture onderuit te halen, waarvan iedere serieuze aanhanger van deze leer zal zeggen dat die teksten niets met de opname van doen hebben.


- 28 september 2021 -


Commentaar bij Video 2 - Jordan B. Cooper

Een zekere Jordan B. Cooper begint zijn Video met te zeggen dat het idee van de opname vandaag de dag erg populair is. Dat moge dan zo zijn in de VS, over de christenheid van de hele wereld genomen is het een leer die volledig is ondergesneeuwd door eeuwenlange kerktradities, die voor een afzonderlijke opname van de gemeente geen plaats hadden in hun toekomstverwachting. Maar zelfs in de VS gelooft slechts 36% van de protestantse pastors een ‘pretribulation rapture’. Vervolgens wordt vanaf 1:10 de manier waarop de opname in boeken en films wordt voorgesteld, namelijk een ‘geheime opname’, een ‘secret rapture’, waarbij de gelovigen plotseling verdwijnen onder achterlating van hun kleding, aangegrepen om het idee van een opname voor de grote verdrukking te ontkrachten. Hij vergelijkt deze voorstelling zelfs met een film als ‘Star Wars’. Echter, aan het slot van de video geeft hij aan dat een rapture niet kan worden ontkend, alleen dat die pas plaatsvindt aan het eind van de grote verdrukking, bij de zichtbare komst van Jezus op aarde. En hoe denkt dhr. Cooper dan dat deze opname aan het eind van de grote verdrukking zich afspeelt, in verband met de kleding? En dan gaat dhr. Cooper om 1:40 erg ver door te zeggen dat hij niet gelooft in de rapture. De rapture zou zelfs onbijbels zijn. En dan komt hij ineens weer op de ‘secret rapture’. We kijken nu naar de vijf argumenten die hij meent in te kunnen brengen tegen de 'pretrib' rapture (een opname vóór de grote verdrukking), wat volgens hemzelf, conform de verkeerde boeken en films tevens een ‘secret rapture’ zou zijn.

(1) Vanaf 2:03 – De leer van de rapture zou in de geschiedenis nooit eerder door de christelijke kerk zijn geleerd en pas voor het eerst naar voren zijn gekomen door de geschriften van JN Darby. Dit is absoluut niet waar. De heer Cooper heeft zijn huiswerk niet gedaan. Er waren tot aan de vierde eeuw na christus wel degelijk Bijbelleraren, die geloofden in een opname van de gemeente voorafgaand aan de grote verdrukking. Vanaf het moment dat het christendom een staatsgodsdienst werd, is de verwachting van de komst van Christus op de achtergrond geraakt omdat de kerk meende dat Christus’ terugkeer geestelijk moest worden uitgelegd en dat de Paus de plaatsbekleder van de ‘teruggekeerde’ Christus was. Vanaf dat moment lazen christenen sowieso geen Bijbels meer want er was nog geen boekdrukkunst en Bijbels waren schaars, de meeste mensen konden niet lezen en het was door de kerk verboden een Bijbel te bezitten. Dus deze Cooper geeft ook nog eens een blijk van een totaal gebrek aan historisch besef. En van zo iemand moeten we dan aannemen wat de juiste interpretatie is van zeer belangrijke Bijbelteksten?

We mogen blij zijn dat de verwachting van zijn spoedige komst weer levend werd door de geschriften van JN Darby. Dat was de tijd van wat later het ‘Reveil’ is gaan heten. Na de reformatie (het Sardis van Openbaring 3) was er nog veel doodsheid en dorheid vanwege een gebrek aan bijstelling van de profetische verwachtingen. Het reveil (Filadelfia) bracht daar verandering in, een reden voor Jezus om deze gemeente te prijzen ‘dat ze het woord van zijn volharding hadden bewaard’. Wat veel kerken echter doen, is mensen als JN Darby en J Scofield als tweederangs Bijbelleren wegzetten. Daarbij wordt de leer van de bedelingen of ‘eeuwen’ of ‘economies’ die rechtstreeks uit de schrift komt en de leer van de opname, die daar onderdeel van uitmaakt, zwart gemaakt. Daarmee wordt de verwachting van de elk moment terugkerende Christus de bodem ingeslagen. Wie denk je dat daar blij mee is? En wat zou Christus hiervan vinden?'

(2) Vanaf 4:34 – Het tweede argument tegen de pretrib rapture opvatting is dat hij die invult met het woord ‘secret’, stil of geheim. En dan stelt hij terecht dat de tekst over de opname in 1 Thessalonisenzen 4:13-18 spreekt van een zeer luide en publiekelijke manifestatie. Wij hebben dat op deze, deze en deze pagina ook onderkend. Deze spreker verbint aan de pretrib-opvatting een aspect dat niets te maken heeft met het moment van de rapture, namelijk dat die in stilte zou plaatsvinden. Wij hebben de scheve voorstelling van zaken hier aan de kaak gesteld. Boekenschrijvers en filmmakers die dit idee van een ‘secret rapture’ hebben gewekt, hebben de Bijbel zeer slecht gelezen, zoals vreemd genoeg gebeurt in geval van bijna alle christelijke films. Dat de pretrib rapture vaak ten onrechte is voorgesteld als een secret rapture wil niet zeggen dat het pretrib moment van de rapture onjuist is. Het lijkt erop dat Cooper beide zaken (secret en pretrib) expres door elkaar haalt om een extra argument te hebben het pretrib moment onderuit te halen.

(3) Vanaf 6:58 – Het derde argument tegen de pretrib opname is een argument dat ook door Witherington naar voren werd gebracht. Alleen ontleent Cooper het aan de paralleltekst uit Lukas 17. Het gaat om de profetische betekenis van Noach, de schifting tussen mensen die worden weggenomen door de vloed en mensen die in de ark gaan. In Lukas voegt Jezus daaraan nog het voorbeeld van Lot toe, dat hetzelfde illustreert: Lot en zijn dochters ontvuchtten Sodom en alle andere kwamen om in het oordeel. Jezus past deze schifting door de vloed en door het vuur toe op situatie die aan zijn komst vooraf gaat. Er zijn mensen die worden aangenomen (‘paralambano’ – vrijwel overal een positieve betekenis) en anderen die worden achtergelaten (in het oordeel van vloed of vuur). Deze teksten zijn door aanhangers van de pretrib opname ten onrechte toegepast op de opname van de gemeente. Net als Witherington legt Cooper het ‘meegenomen’ negatief uit en ‘achtergelaten’ positief. Op 9:55 komt hij in de knoop met zijn eigen uitleg. Hij begint met te zeggen dat degenen die werden achtergelaten, dat waren Noach, die werden gered omdat ze door de reddende genade van God in de ark ‘werden gebracht’. Dat laatste lijkt erg op het ‘meegenomen', 'paralambano', in de tekst. En terecht dat hij zegt: deze tekst heeft niets met de rapture te maken. Eens. Het is voor deze site ook absoluut geen bewijstekst voor de rapture en daarmee vervalt het hele punt.

(4) Vanaf 10:18 – Het vierde argument draait om 1 Korinthiërs 15. Volgens Cooper leert Paulus hier dat er één enkele gebeurtenis is, waarin alles tegelijk plaatsvindt: opstanding – opname van de gemeente – komst van Jezus. Echter, dat leert Paulus helemaal niet. Voor het woord ‘komst’, ‘die van Jezus zijn bij zijn komst’, in 1 Korinthiërs 15:23 gebruikt Paulus het woord ‘Parousia’. Op een andere pagina is omstandig uitgelegd dat dit woord absoluut niet slaat op slechts het moment van komen maar een veel bredere betekenis kan hebben van jaren of zelfs duizend jaar, in het geval van 2 Petrus 3:12 ‘...u, die de komst van de dag van God verwacht en daarnaar verlangt, de dag waarop de hemelen, door vuur aangestoken, zullen vergaan en de elementen brandend zullen wegsmelten.’

Wij kunnen komst (‘parousia’) van de dag van God, die aanbreekt met de opname van de gemeente en die eindigt met de verbranding van de huidige hemel en aarde, verhaasten. Met de ruime betekenis dat ene woord ‘Parousia’ valt de bodem onder dit argument volledig weg. En dan komt de bewering dat als er een aparte opstanding en opname geweest zou zijn, dat Paulus dat dan wel duidelijk zou hebben uiteengezet. Je kunt dit argument net zo goed omdraaien: Als Paulus had willen laten zien dat de opstanding van alle in Christus ontslapenen en de verandering van alle levenden bij de ‘laatste bazuin’ tegelijkertijd zal plaatsvinden met de komst van Christus op de wolken in heerlijkheid en met grote kracht en heerlijkheid, dan was dit de plaats geweest om dat te tonen. Maar dat doet Paulus niet. Er is geen sprake van een zichtbare komst van Christus op aarde, net zomin als in 1 Thessalonisenzen 4. Dat zijn twee levensbelangrijke teksten waar wél sprake is van opstanding en verandering en opname maar waar géén enkele sprake is van een zichtbare terugkeer op aarde van Christus. Maar er staat in 1 Korinthiërs 15 wél iets heel anders. De tekst over de verandering van de lichamen bij de laatste bazuin wordt voorafgegaan door: 1 Korinthe 15:50 ‘Maar dit zeg ik, broeders, dat vlees en bloed het Koninkrijk van God niet kunnen beërven, en de vergankelijkheid beërft de onvergankelijkheid niet.’ En dat gedeelte eindigt met: ‘1 Korinthe 15:54 En wanneer dit vergankelijke zich met onvergankelijkheid bekleed zal hebben, en dit sterfelijke zich met onsterfelijkheid bekleed zal hebben, dan zal het woord geschieden dat geschreven staat: De dood is verslonden tot overwinning.’

Waarheen gaan de veranderde gelovigen en de in opstandingslichamen opgewekte gelovigen naartoe? Terug naar de aarde? Nee, naar een onvergankelijk oord. Daarom hebben zij onvergankelijke lichamen nodig – naar de hemelse heerlijkheid. ‘Als Ik plaats bereid heb, zal Ik komen en u tot Mij nemen, zodat ook u zult zijn waar Ik ben.’ Dat is het vaderhuis.

Context, context en context, meneer Cooper!

(5) Vanaf 12:27 – Jezus zou de afzonderlijke opname van gelovigen niet leren. En dan komt Cooper met de Olijfbergreden van Jezus. En inderdaad, die gaat niet over de opname maar om de ontwikkeling van de geschiedenis vanaf de opname. De opname heeft daar al plaatsgevonden. Zou dat niet zo zijn, dan zou Jezus, niet consistent zijn met wat Hij later Paulus meegeeft als leer voor de gemeente (Paulus zegt voortdurend dat Hij die dingen schrijft en zegt door een ‘woord van de Heer). Dan komt het over alsof Jezus tegen Paulus zou hebben gezegd: 'O, Paulus, ik ben in mijn Olijfbergrede nog iets heel belangrijks vergeten te vertellen. Dat is namelijk het volgende: Allen die in Mij hebben geloofd zullen vlak voor mijn zichtbare terugkeer op aarde uit de graven opstaan en allen die op dat moment in Mij geloven zullen veranderd worden en dan zullen ze Mij in wolken tegemoet gaan en dan komen ze samen met Mij terug naar de aarde. Geef jij dat nog even door?'

Dat het zo in elkaar zou zitten is ronduit onvoorstelbaar en toch gaan mensen als Cooper en Witherington ervan uit dat het zo zit. Het is werkelijk tenenkrommend, deze leer van een opname na de grote verdrukking. Daarom is het ook niets minder dan een gemene dwaalleer die is bedoeld om allen die die niet stevig in de schoenen staan in slaap te doen sukkelen en rijp te maken voor de komst van heel iemand anders dan Jezus Christus, namelijk de antichrist. Die komt weliswaar na de opname. Zij die geloven gaan mee met de opname. Maar wat stelt het geloof voor als je in je hart al hebt gezegd: mijn Heer wacht met te komen. En als je er leerstellingen op nahoudt die veronderstellen dat Jezus een belangrijk feit vergeten was aan zijn discipelen te vertellen.

Bovendien. Als we een post-trib rapture moeten aannemen, dan moeten we niet alleen aannemen dat Jezus belangrijke dingen nog verzwegen had maar dan moeten we bovendien ook nog eens aannemen dat Paulus dit op zo’n onduidelijke manier aan ons doorvertelt dat hij de volledige context, van de komst van Christus voor zijn gemeente, weglaat.

Overigens is het een leugen dat Jezus niet over de opname zou hebben gesproken. Dat heeft Hij namelijk wel gedaan en wel in de bovenkamer, aan de elf, na het vertrek van Judas. Daar zegt Hij: Johannes 14:1 ‘Laat uw hart niet in beroering raken; u gelooft in God, geloof ook in Mij. In het huis van Mijn Vader zijn veel woningen; als dat niet zo was, zou Ik het u gezegd hebben. Ik ga heen om een plaats voor u gereed te maken. En als Ik heengegaan ben en plaats voor u gereedgemaakt heb, kom Ik terug en zal u tot Mij nemen, opdat ook u zult zijn waar Ik ben.’

Ook hier weer hetzelfde: geen enkele verwijzing naar zijn terugkeer op aarde. Alleen: '...opdat u zult zijn waar Ik ben’ ‘Zo zullen we altijd bij de Heer zijn’ ‘dit vergankelijke moet onvergankelijkheid aannemen’. Dát is de context van teksten over de opname. De bestemming is de hemel. Niet de aarde. Daar keren we pas 7 jaar later terug.


Conclusie:

Geen van deze vijf argumenten tegen de pretrib rapture, de opname vóór de grote verdrukking houdt stand in het licht van de Bijbel. Het zijn drogredenen die allemaal ontleend zijn aan het niet lezen van de Griekse grondtekst en het niet lezen van de context. Het is een verschrikkelijke dwaalleer die miljoenen gelovigen wereldwijd afhoudt van een reikhalzend verlangen naar de komst van de Heer en zich daardoor onvoldoende bewust zijn van het belang om hun levens op orde te brengen. Hij lijkt misschien niet zoveel uit te maken, die zeven jaar. Maar het is een wereld van verschil. Want iedereen die Jezus ergens in of na de grote verdrukking verwacht, weet dat Hij nog niet komt en zegt in zijn hart ‘mijn Heer wacht met te komen’. En dat is precies de leugen die satan het liefst in de harten zaait van allen die zijn bruid vormen. Laten wij met deze leer doen wat Jezus met het lauwe Laodicea doet: laten wij deze leer uit onze mond spuwen en met een vurig hart, dat brand van verlangen naar Hem, naar Hem gaan uitzien.

- 30 september 2021 -


Commentaar bij Video 3 - NT Wright

Deze video is letterlijk tenenkrommend. De manier waarop de bijbel hier wordt uitgelegd is vergelijkbaar met ‘creatief boekhouden’, hoe zorg ik ervoor dat de resultaten tevoorschijn komen, die mijn opdrachtgevers graag willen zien? Met uitleg van de Bijbel zelf heeft het niets te maken. Beelden die totaal vreemd zijn aan het betreffende bijbelgedeelte worden eraan opgelegd.

De heer Wright begint de verwachting van een opname zelf (niet alleen het moment waarop maar het fenomeen an sich) belachelijk te maken in zijn inleidende opmerkingen: ‘...dus waar komt dit idee vandaan van Jezus, die rondvliegt in een wolk en van mensen die weggerukt worden en die ‘ergens’ heen gaan?’ Deze omschrijving doet denken aan aliëns die vanuit vliegende schotels mensen ontvoeren en doet meteen al afbreuk aan de grandioze kracht van God, die zich in deze toekomstige gebeurtenis zal uiten. Vervolgens zegt hij dat dit één speciale manier van lezen is van één speciaal bijbelvers, daarmee suggererend dat je dit gedeelte op vele verschillende manieren kunt lezen. Hij stelt zich derhalve op het standpunt dat de Bijbel een zeer onduidelijk geschreven boek is, dat je op vele verschillende manieren kunt uitleggen. Dit gaat meteen al in tegen iets wat de Bijbel over zichzelf zegt, namelijk dat geen enkele schift een eigenmachtige uitlegging toelaat omdat alle schrift door God is ingegeven, zodat schrift met schrift moet kloppen in één consistent geheel. Als je dat doet, kun je niet anders dan concluderen tot een ‘pretrib rapture’, een opname vóór de grote verdrukking. Maar aangezien zeer vele kerken daar niets van moeten hebben, gaan ze creatief aan de gang met een eigenmachtige uitleg van dit gedeelte, daarmee de richtlijnen die de Bijbel zelf geeft met voeten tredend.

Het enige goede gedeelte van deze video bestaat uit de seconden dat Wright het gedeelte van 1 Thessalonicenzen 4:13-18 voorleest. De video was zoveel waardevoller geweest als hij zijn eigen misleidende uitleggingen daaromheen had weggelaten.

0:53 Hier gaat Wright beginnen met zijn uitleg en hij gaat daarbij eerst een ‘gewoonte’ van Paulus vaststellen, waarvan hij vervolgens geheel ten onrechte veronderstelt dat die ‘gewoonte’ geldt voor elke zin die door Paulus is opgetekend. Dat is de ‘gewoonte’ om veel beeldende taal achter elkaar te gebruiken. En dan geeft hij aan hoe wij daar absoluut niet mee om moeten gaan: 'wij moeten niet proberen om dat tot één geheel aaneen te smeden en er één plaatje van te maken.' Omdat deze ‘gewoonte’ in het geheel niet geldt voor hoofdstuk 4, moet hij de luisteraar wel meenemen naar hoofdstuk 5 om dit toe te lichten. 'De Heer komt als ‘dief in de nacht’ – kort daarna zullen ‘zij’ overvallen worden zoals ‘een zwangere vrouw door barensweeën’ – ‘wij’ die van de dag zijn moeten ‘nuchter’ blijven terwijl ‘wij’ onze ‘wapenen’ opnemen. Dit zijn vier verschillende beelden en Paulus wil niet dat wij daar één constructie van maken met een echte dief, een echte geboorte, echte dronkenschap en echte wapenen.' Hier probeert Wright degenen die vasthouden aan een pretrib rapture een al te letterlijke en potsierlijke manier van het uitleggen van de Bijbel in de schoenen te schuiven . En dat terwijl hij dat vervolgens zelf gaat doen. Want wat doet Wright? Hij schuift allemaal beelden in elkaar tot één plaatje en dan ook nog eens beelden die niet Paulus maar die hij zelf bij dit gedeelte heeft bedacht.

1:45 Wright: ‘Jezus daalt neer van de hemel zoals Mozes eens vanaf de berg neerdaalde met de tien geboden. Het plaatje is daar: het roepen van de aartsengel en het geluid van de bazuin – Jezus komt om de rotzooi op te ruimen in de mensen hier omlaag.’ – Waar in Exodus lees ik van het roepen van de aartsengel? Waar in 1 Thessalonicenzen lees ik dat Jezus op aarde komt om rotzooi onder mensen op te lossen? Dit is je reinste inlegkunde. Creative accounting. De bijbel laten buikspreken.

2:12 Wright: ‘Het volgende plaatje is dat van Daniël 7, van de Zoon des mensen, opgenomen in de hemel – alleen nu is het niet de Zoon des mensen het maar zijn wij het en wij worden opgenomen om Hem te ontmoeten.’ – Nergens in Daniël 7 lees ik dat de Zoon des mensen wordt ‘opgenomen’ in wolken. Wright moet dit gedeelte zelf nog maar eens nalezen. Er staat toch echt dat de Zoon des mensen kwam ‘met’ de wolken van de hemel. Dit gaat over de zichtbare terugkeer van Jezus op aarde waarbij het vierde dier, het Romeinse rijk, definitief wordt uitgeschakeld en Hij zijn rijk vestigt. Maar verder klopt het wel, wat Wright hier zegt, omdat hij ‘gelovig’ de bijbel na spreekt: ‘wij’ worden in wolken opgenomen. – Maar wat zal er dan gebeuren?, zo vraagt Wright zich af

2:25 Wright: ‘Hier is het derde plaatje. Paulus leefde in een wereld waar een keizer oorlog ging voeren en na de strijd terugkwam in zijn thuis-stad. En dan gingen de burgers van de stad naar buiten om de keizer te ontmoeten en hem te begeleiden naar de stad.' Tussendoor maakt Wright subtiel nog even twee schampere opmerkingen; ‘het zou wel onbeleefd zijn als ze in de stad zouden blijven’ en ‘wat gingen ze doen bij het ontmoeten van de keizer? Gingen ze samen buiten de stad ergens picknicken?’ Zie, hoe geslepen de luisteraar wordt overgehaald om het beeld van een opname, waarbij de gelovigen met de Heer naar de hemel gaan, belachelijk wordt gemaakt. De grote vraag is natuurlijk of het hele beeld van een keizer, die van de strijd terugkeert naar zijn stad, wel klopt.

Het antwoord is: Nee. Dat beeld klopt van geen kanten. Allereerst wordt het door Paulus niet genoemd. In de tweede plaats klopt het ook niet bij de terugkeer van Jezus want (1) Hij keert niet terug van een strijd maar hij komt naar de aarde vanuit het ‘huis van de Vader’ en (2) Hij keert niet terug naar zijn ‘thuis-stad’ maar naar een zeer vijandige aarde, vol met koningen en legers die Hem met alle macht en techniek waarover zij beschikken proberen tegen te houden. Lees Daniël 7. Lees Openbaring 16 en 19. Lees Psalm 2. Maar het lijkt of Wright al deze bijbelgedeelten is vergeten en niet gehinderd door kennis van zaken, doet hij juist datgene, waarvan hij aanvankelijk zei dat we dat absoluut niet mochten doen: allerlei beelden in elkaar drukken tot één enkel niet-kloppend wanstaltig plaatje. Mozes + Zoon des mensen uit Daniël 7 + Romeinse keizer die terugkeert van de strijd = Opname van de gemeente.

Dit is Bijbeluitleg om van te huilen. Dit demonstreert het grote ongelijk van alle leer die de opname van de gemeente ergens in of na de grote verdrukking plaatst. Het is dwaalleer omdat het de bruid verhindert de Heer dagelijks te verwachten, niet als degene die komt om te heersen over de aarde maar als Bruidegom die zijn bruid wegneemt van de aarde voordat de mensheid wordt overgegeven aan de meest moordende verschrikkingen van satan en voordat de oordelen van God over de aarde losbarsten.

4:00 Dan sleept Wright ineens de politiek bij zijn bijbeluitleg. 'Als we dit gedeelte nemen bij de terugkeer van Jezus op aarde, dan zou dat een beeld geven dat in overeenstemming is met de rest van het Nieuwe Testament, namelijk; dat van 'Jezus is Heer en niet Caesar'. Dat betoogt Paulus in al zijn geschriften.' - aldus Wright. Echter, ik heb de brieven van Paulus vaak gelezen maar ik ben dit nergens tegengekomen. Dit is een grote dwaling. Het is namelijk appels met peren vergelijken. Jezus heeft gezegd: ‘geef aan Caesar wat van Caesar is’. En Paulus schrijft dat we aan alle aardse overheden onderdanig moeten zijn als door God ingesteld. Weliswaar is Christus ‘Koning der koningen en Heer der heren’. Maar de vraag is of Hij die positie al heeft ingenomen dan wel of Hij daarop nog wacht. De discipelen vroegen Jezus: ‘Gaat u in deze tijd het koninkrijk voor Israël herstellen?’ En toen zei Jezus niet: ‘Ja, vanaf nu ben Ik Koning der koningen en Here der heren’. Nee, Hij zei: het komt u niet toe tijden en gelegenheden te weten, die de Vader in zijn eigen macht heeft gesteld.’ Met andere woorden: zover was het nog niet. Weliswaar is Hem gegeven alle macht in hemel en op aarde maar Hij oefent die macht nog niet uit. ‘Wij zien nog niet alle dingen aan Hem onderworpen’. Wij leven nog in ‘de tegenwoordige boze eeuw’. 'De hele schepping zucht nog en is in barensnood en is in verlangend uitzien naar het openbaar worden van de zonen van God.' We hebben strijd te voeren tegen de 'wereldbeheersers van de duisternis'. 'De verborgenheid van de wetteloosheid werkt al.' Pas in het boek Openbaring lezen we dat Hij als het Lam de boekrol, het eigendomsbewijs en de uitvoering daarvan uit de hand van God aanneemt en de zegels verbreekt. Zeven jaar lang is het dan een strijd op aarde en het schoonvegen van de aarde van alle bolwerken van de duivel.

Dat Christus, in weerwil van wat de Roomse Kerk daarover beweert, nog geen Heerser is over de aarde, blijkt wel uit de verschrikkelijke ellende die mensen er nog steeds van maken op aarde. Wou Wright Christus daar soms voor verantwoordelijk houden? Of is zou het meer te maken hebben met het wanbeleid door de Roomse kerk en alle koningen die aan haar gelieerd zijn? Nee - beweert Wright, 'de opname kan natuurlijk niet eerder plaatsvinden dan de terugkeer van Christus want dan zouden aardse machthebbers hun gang kunnen gaan.' Alsof aardse machthebbers niet reeds 2000 jaar lang hun gang zijn gegaan en de ware gelovigen voortdurend hebben achtervolgd en verdrukt, waar de Roomse kerk die machthebbers toe heeft aangezet. Ware gelovigen hebben nooit enige politieke invloed van betekenis gehad. De Roomse kerk had - als geheime voortzetting van het Romeinse rijk - kolossale politieke invloed en heeft die voornamelijk ingezet om zelf een machtsbolwerk te worden, het grootste op aarde. Haar ware toestand en einde wordt beschreven in Openbaring 17 en 18. De jaren dat de bruid van de aarde verdwenen is, worden juist door God gebruikt om de aarde schoon te vegen. Zie ook deze pagina voor het grotere verband van de Roomse kerk. De machthebbers denken aanvankelijk dat ze dan onbeperkt hun gang kunnen gaan maar de enorme rampen die vanuit de hemel over de aarde worden uitgestort zijn een belangrijke hinderpaal.

4:25 Hier zegt Wright eindelijk weer iets waars, alleen probeert hij het weer belachelijk te maken, namelijk dat degenen die in een pretrib rapture geloven geen politieke agenda hebben. Dat klopt. Wij hebben hier op aarde geen orde op zaken te stellen, alleen het evangelie te verkondigen en getuigen van Christus te zijn. Maar dat wordt dan direct belachelijk gemaakt: 'dat zij die dat geloven alleen maar zeggen: vlucht, vlucht in het spirituele in het heden en vlucht in een vergeten afgelegen rijk in de toekomst.' Hier zou Wright het moeten hebben over het vijfde hoofdstuk van 1 Thessalonicenzen, waar Paulus spreekt over nuchter zijn en de wapens van het geloof en de liefde en de hoop aantrekken – niet om politiek in deze wereld te bedrijven – maar om elkaar te vermanen en op te bouwen en om getuigen te zijn voor mensen die Jezus nog niet kennen.

4:35 Hier gaat Wright in op de betekenis die de tweede komst van Christus heeft. En dan zou de tweede komst van Christus betekenen dat Jezus nu al Koning der koningen en Here der heren zou zijn, terwijl juist het boek Openbaring duidelijk maakt, dat Hij dat nog niet is maar pas in de toekomst zal worden, als Hij de boekrol aanneemt uit de hand van ‘Hem die op de troon zit’. Wat is anders het nut van zijn tweede komst? Is het niet dat Hij eindelijk Here der heren en Koning der koningen zal zijn?

4:55 Hier probeert Wright een politieke agenda te lezen in terugkeer van Jezus: Hij komt perfecte gerechtigheid enz. brengen en wij moeten al zoveel mogelijk voorbereidend werk doen om Hem zo goed mogelijk te kunnen ontvangen. Dat is inderdaad waar voor wat betreft onze eigen persoonlijke levens maar niet voor deze wereld, niet in de politiek. Hoezeer de politieke arene het domein van satan is geworden wordt openbaar in onze dagen. Een dienaar van Christus heeft daar niets te zoeken. Het enige wat we kunnen doen is mensen oproepen deze tegenwoordige boze eeuw vaarwel te zeggen en zich te voegen bij de gemeente van God, voordat de zeven jaar grote verdrukking zullen aanbreken en Jezus voor het eerst in 2000 jaar een politieke rol zal gaan spelen – tot dusverre is alle politiek op aarde bedreven door door de duivel, die kwam onder de naam van Christus.


Conclusie:

Net als Ben Witherington bezondigt N.T. Wright zich aan datgene waarvoor hij in de inleiding van zijn praatje waarschuwt en waarvan hij suggereert dat het de pretrib rapture visie is, die zich eraan schuldig zou maken. Voor Witherington gaat het om het niet lezen van een tekst in zijn context en voor Wright gaat het om het verkeerd toepassen van beeldende taal. Witherington plaatst vervolgens de opname in een verkeerde context, namelijk ergens in de Olijfbergrede maar vindt hem daar nergens. En vervolgens ontkent hij dan in zekere zin het hele fenomeen van ‘opname’. Maar dat de Olijfbergrede de opname nergens vermeldt, dat klopt wel degelijk met de pretrib visie, want de opname vindt ook veel eerder plaats, vóór de grote verdrukking. Wright plakt allerlei beeldende taal waar Paulus niet over spreekt, Mozes van de berg, de Keizer van de strijd, bovenop 1 Thessalonicenzen 4:13-18 en maakt er één groteske gebeurtenis van, die nergens op slaat. Beide ‘uitleggers’ lezen totaal niet wat er staat en doen daarmee de Bijbeltekst geweld aan. Beide uitleggers verzuimen het meest logische verband te leggen, namelijk met Johannes 14:1-3, dat eindigt met ‘...opdat ook u zult zijn waar ik ben’, wat naadloos aansluit bij ‘...zo zullen wij altijd met de Heer zijn’ van Thessalonicenzen 4:17. Bij de opname komt Jezus zijn bruidsgemeente ophalen en samen gaan zijn het vaderhuis met de vele woningen in. Pas een jaar of zeven later keren zij samen terug om de heerschappij over de aarde op te eisen. De pretrib rapture - een opname vóór de grote verdrukking - is de enige Bijbelse visie en wordt duidelijk door de Bijbel zelf geleerd.

- 11 oktober 2021 -


Commentaar bij Video 4 - Gary Petty in ‘Beyond Today’ (2009)

Dit is een wat oudere video, uit 2009, waarin eindelijk getracht wordt op een sytematische manier, met een schema van Bijbelteksten, de leer van de Opname van de gemeente voor de grote verdrukking te ontkrachten. De presentator, Gary Petty, begint met een voorbeeld van een zekere Jacky, die al haar hele leven gelooft dat we een tijd naderen met oorlog, ziekten en grote natuurrampen en die eveneens gelooft dat God haar zal redden door de opname van de gemeente. Veel christenen, zo vervolgt hij, geloven in een opname, die hen bewaart voor de grote verdrukking, die daarna zal volgen. Vervolgens noemt hij het feest van de bazuin dat door Israël wordt gevierd en dat – ook al zou je dat niet vermoeden – alles te maken heeft met het geloof van Jacky en vele andere christenen in de opname. Vervolgens kondigt hij aan dat ze de geweldige betekenis van het feest van de bazuin zullen gaan onderzoeken en dat het begrijpen van dit feest voor christenen kan betekenen dat het hun visie totaal zal veranderen op wat God gaat doen voor de gehele mensheid. Daarna noemt hij de zeven bazuinen, die geblazen worden in het boek openbaring. Elk daarvan kondigt een grootse gebeurtenis aan, uitmondend in de terugkeer van Jezus Christus.

Tot dusverre nog niet zoveel vreemds en het lijkt er bijna op alsof deze man zelf ook gelooft in een 'pretrib rapture'. Maar dan maakt hij een boch van 180 gragen en gaat hij ertoe over de opvatting van de eerder genoemde Jacky de grond in te boren door te zeggen dat die niet in lijn is met het profetisch woord. Eerst wordt dus de aandacht van mensen die geloven in een pretrib rapture gewekt. Petty wekt de indruk daar ook in te geloven en dan ineens haalt hij deze blijde verwachting onderuit door te beweren dat die ingaat tegen de Bijbel. En dan daagt hij hen uit te blijven kijken, zodat ze voor zichzelf kunnen zien wat ervan klopt. Dan zegt Petty dat hij vier Bijbelgedeelten over de opname gaat bespreken. Hij begint met het vers dat met name wordt gekoesterd door de pretrib-gelovigen: 1 Thessalonisenzen 4:13-18.

4:00 Hier begint Petty met voorlezen van 1 Thessalonisenzen 4:13-18: ‘Want dit zeggen wij door het woord van de Heer, dat wij, de levenden die overblijven tot de komst van de Heer, de ontslapenen geenszins zullen vóórgaan. Want de Heer Zelf zal met een bevelend roepen, met de stem van een aartsengel en met de bazuin van God neerdalen van de hemel; en de doden in Christus zullen eerst opstaan; daarna zullen wij, de levenden die overblijven, samen met hen in wolken worden opgenomen de Heer tegemoet in de lucht; en zo zullen wij altijd met de Heer zijn. Vertroost daarom elkaar met deze woorden.’ Met de uitleg die Petty daarover geeft is in eerste instantie niets mis. Echter hij doet dat alleen maar om de aandacht van de pretrib-gelovigen vast te houden en om vervolgens hun opvatting aan te vallen.

5:10 Hier begint Petty twijfel te zaaien door de vraag te stellen of de uitleg van een pretrib rapture (een opname voorafgaand aan de grote verdrukking) wel hetgeen is wat Paulus hier werkelijk zegt. En dan haalt hij er vervolgens een Bijbeltekst bij, waarvan we bij de bespreking van eerdere video’s al een aantal keren gezien hebben, dat die niets met de opname te maken heeft: de Olijfbergrede.

5:30 Hier introduceert hij de Olijfbergrede, waarin Jezus de gebeurtenissen van circa zeven jaar voorafgaand aan zijn komst met grote kracht en heerlijkheid uiteenzet. Petty leest vervolgens Mattheüs 24:29-31 voor: ‘Terstond na de verdrukking van die dagen zal de zon verduisterd worden en de maan zal haar schijnsel niet geven, en de sterren zullen van de hemel vallen en de krachten van de hemelen zullen wankelen. En dan zal het teken van de Zoon deze mensen verschijnen in de hemel; en dan zullen alle stammen van het land weeklagen en zij zullen de Zoon des mensen zien komen op de wolken van de hemel met kracht en grote heerlijkheid. En Hij zal zijn engelen uitzenden met luid bazuingeschal, en zij zullen zijn uitverkorenen bijeen verzamelen van de vier windstreken, van de uitersten van de hemelen tot de andere uitersten daarvan.’

6:30 Vervolgens toont Petty een tableau waarin hij een vergelijking maakt tussen de vier gedeelten uit de Bijbel. Het enige doel van het tableau is de pretrib-rapture met de grond gelijk te maken door ‘aan te tonen’ hoe ‘onbijbels’ deze opvatting wel niet is. Echter, daartoe moet hij wel grote stukken tekst, die hij uit de Bijbel heeft voorgelezen, weglaten en focussen op alleen díe onderdelen van de tekst die in zijn kraam te pas komen. Dit betekent opnieuw dat Bijbelgedeelten uit hun verband worden gerukt en in totaal verkeerde contexten worden geplaatst. Dat wordt duidelijk als men de Bijbelgedeelten zelf goed leest in hun context. Maar laten we eerst kijken welke vergelijking in het tableau wordt gemaakt:

                                            1 Thess.4                    Matth. 24

Tijd                                      Niet gegevenna          Na de verdrukking

Waar is Christus?            In de wolken                  In de wolken

Wie wordt vergaderd?    Eerst de doden, dan    De uitverkorenen

                                           de levende heiligen

Wie gaan het eerst?           De doden                  Niet gegeven

Wat wordt gehoord?        De stem van een         Een bazuin

                                            aartsengel + bazuin


Hoewel de vergelijking erop gericht is, de kijker ervan te overtuigen dat het over één en dezelfde gebeurtenis gaat, blijkt uit de vergelijking al dat dit niet het geval is. Immers, de term ‘uitverkorenen’, wordt in Mattheüs gebruikt voor de gelovigen uit Israël, die het koninkrijk binnen gaan. Dat blijkt duidelijk uit de gelijkenis van de koning die een bruiloftsmaal aanrichtte voor zijn zoon. Degenen die aanvankelijk waren genodigd (Israël), wilden niet komen. Toen zond hij zijn slaven naar de wegen, zodat de bruiloft alsnog vol werd. Jezus eindigt met de bekende uitspraak: ‘Want velen zijn geroepenen, maar weinigen uitverkorenen.’ Velen, die het koninkrijk binnengaan zullen geroepen zijn uit de niet-Joden, slechts weinigen zijn Joden – uit het uitverkoren volk. De uitverkorenen die door de engelen in de Olijfbergrede worden verzameld uit de vier windstreken, zijn Israëlieten, in ieder geval de honderdvierenveertigduizend die wereldwijd het evangelie van het komende koninkrijk hebben gepredikt, waarop Jezus doelt in Mattheüs 24:14.

Echter als Paulus de gelovigen in Thessaloniki schrijft dat ‘wij, die overblijven tot de komst van de Heer, de doden niet zullen voorgaan’, dan spreekt hij tegen niet-Joden. Het onderscheid Jood versus niet-Jood is in de gemeente overigens opgeheven. Mattheüs handhaafd in zijn evangelie dit ondersheid consequent omdat hij zijn evangelie specifiek schrijft voor Joden.

Een tweede belangrijk verschil uit het tableau is, dat in het kader van de Olijfbergrede totaal niet wordt gesproken van een opstanding van doden. En dát is dan ook de reden dat er niet bij vermeld wordt wie het eerst wordt ‘opgehaald’. Er worden op dat moment geen doden opgehaald maar alleen levenden en wel ‘uit de vier windstreken’ en geen doden ‘uit de graven’. Het moment van Jezus’ terugkeer met de wolken van de hemel is niet het moment van een algehele dodenopstanding.

Een derde belangrijk verschil wordt achterwege gelaten en dat is dat bij de komst van Jezus voor de opname van zijn gemeente de engel alleen zijn stem laat horen een geen bazuin. Er staat dat Jezus komt ‘met de stem van een aartsengel en met de bazuin van God’. Bij de opname is sprake van de bazuin van God. Bij zijn terugkeer op aarde in grote kracht en heerlijkheid ‘zal Hij zijn engelen uitzenden met luid bazuingeschal’. Het lijkt erop dat het daar de engelen zijn die de bazuin laten horen.

Behalve de elementen die Petty op een rijtje zet en die de vergelijking al volledig mank laten gaan, zijn er echter nog veel meer zaken, die genoemd kunnen worden. En daaruit blijkt nog veel duidelijker dat het om twee totaal verschillende gebeurtenissen gaat, zeker als men rekening houdt met het feit dat Mattheüs 24:31 chronologisch direct wordt gevolgd door Mattheüs 25:31, wat weer teruggrijpt op 'Wanneer nu de Zoon des mensen komt in zijn heerlijkheid...'. Daartussenin staat een reeks gelijkenissen die de gelovigen in de grote verdrukking een hart onder de riem moeten steken om vol te houden in het verwachten van Christus’ komst. Hier een uitgebreide vergelijking tussen 1 Thess.4 en Matth.24, 25


                                                            1 Thess.4                    Matth. 24, 25

Bevelend roepen De Heer Zelf (4:16)    Niet gegeven     (de engelen verzamelen)

Stem van een aartsengel                    De Heer Zelf (4:16)    Niet gegeven

In wolken opgenomen                        (4:17)                      Niet gegeven, alles speelt zich af op aarde

de Heer tegemoet in de lucht            (4:17)                    Niet gegeven, alles speelt zich af op aarde

Altijd met de Heer zijn                        (4:17)                    Niet gegeven, gaat om rijk op aarde

Tekenen aan de hemel                        niet gegeven          zon, maan en sterren (24:29)

Krachten                                                niet gegeven          De hemelen zullen wankelen (24:29)

Bijzonder teken                                    niet gegeven          Van de Zoon des Mensen (24:30)

Reactie in Israël                                    niet gegeven          Alle stammen zullen weeklagen (24:30)

Zichtbaarheid Christus                        niet gegeven          Met grote kracht en heerlijkheid (24:30)

Christus bestijgt de troon                niet gegeven           Zitten op de troon van zijn heerlijkheid (25:31)

Verzamelen alle volken                    niet gegeven            Gescheiden als schapen van bokken (25:32)

‘Deze broeders van mij’                    niet gegeven            Bij de troon, de uitverkorenen (25:40)


Conclusie: Petty leest over alle bovenstaande dertien belangrijke verschillen heen en pikt er één overeenkomst uit, namelijk dat in beide gevallen sprake is van bazuingeschal, zonder erop te letten wie eigenlijk de bazuin bespeelt en waartoe het bazuingeschal dient. Een dergelijke manier van Bijbeluitleg is ronduit misleidend en is bedoeld om gelovigen die terecht een opname van de gemeente vóór de grote verdrukking verwachten, op het verkeerde been te zetten, zodat ze gaan uitzien naar de komst van de antichrist. Want die moet dan kennelijk eerst komen. Dit is dodelijk voor het verwachtingsvolle uitzien naar de komst van de Heer en niet anders dan een leugen van Gods tegenstander.

7:24 De volledige argumentatie van deze video is feitelijk uitsluitend opgehangen aan ‘de bazuin’, de ‘sjofar’ en dat is dan ook de reden dat Petty daarop een enorme klemtoon legt: ‘het verstaan van dit blazen van de sjofar is zo onnoemelijk belangrijk voor het begrijpen van wat de Bijbel werkelijk leert over de toekomstige gebeurtenissen.’ Nee, het is absoluut NIET belangrijk voor het verstaan van wat de Bijbel leert. Het is alleen maar belangrijk voor wat satan graag wil dat alle christenen gaan geloven, namelijk dat eerst zíjn valse christus komt alvorens Christus zijn gemeente zal komen halen, zodat ze Christus niet langer dagelijks hoeven te verwachten (eerst moeten we immers met zijn allen door de grote verdrukking en zover is het nog niet…).

9:30 Na wat reclame en herhaling gaat Petty over naar zijn derde Bijbelgedeelte: 1 Korinthiërs 15:50-51: 'Maar dit zeg ik broeders, dat vlees en bloed Gods koninkrijk niet kunnen beërven, en de vergankelijkheid beërft de onvergankelijkheid niet. Zie, ik zeg u een verborgenheid. Wij zullen niet allen ontslapen, maar wij zullen allen veranderd worden, in een ondeelbaar ogenblik, in een oogwenk, bij de laatste bazuin; want de bazuin zal klinken, en de doden zullen onvergankelijk worden opgewekt en wij zullen veranderd worden.’

11:00 Vervolgens gaat Petty zijn tableau aanvullen met dit derde gedeelte uit de Bijbel:


                                        1 Thess.4                    Matth. 24                        1 Ko.15

Tijd                                    niet gegevenna         Na de verdrukking            De laatste bazuin

Waar is Christus?            In de wolken            In de wolken                    niet gegeven

Wie wordt vergaderd?    Eerst de dode,     De uitverkorenen                De doden en de

                                        dan de levende        levende heiligen

                                        heiligen

Wie gaan het eerst?        De doden                    niet gegeven                    De doden

Wat wordt gehoord?    De stem van een         Een bazuin                        De laatste bazuin

                                        aartsengel + bazuin


11:15 Zeer elementair is natuurlijk de ‘tijd’ waarop de dingen gebeuren. Petty is erop gebrand zijn gehoor te laten geloven dat het allemaal één enkele gebeurtenis betreft en zet de luisteraar zo snel mogelijk op het verkeerde been, door direct bij het noemen van ‘de laatste bazuin’ het plaatje verkeerd in te vullen. Dat is wat media standaard de afgelopen eeuw hebben gedaan bij grote gebeurtenissen. Zo snel mogelijk bij het grote publiek de leugen tussen de oren krijgen en die leugen vervolgens eindeloos volhouden. Het is de grote truc van satan om telkens bij elk nieuw feit zo snel mogelijk zijn versie van het verhaal in te wrijven. Hersenspoelen noemt men dat. Petty hanteert deze techniek hier ook. Want wat zegt hij, zodra hij ‘De laatste bazuin’ heeft ingevuld? Dat zou de zevende bazuin zijn van het boek Openbaring, die de komst van Christus inleidt. Niets is echter minder waar. De laatste bazuin luidt nog een reeks van verschrikkelijke oordelen in, zeven engelen die de zeven schalen van Gods gramschap uitgieten over de aarde. Pas ná het leeggieten van de zevende schaal verschijnt Christus uit de hemel. En pas ná Christus’ komst met grote kracht en heerlijkheid worden de engelen met luid bazuingeschal uitgezonden naar de vier windstreken om zijn uitverkorenen te verzamelen. Er is dus sprak van allemaal VERSCHILLENDE bazuinen bij allemaal VERSCHILLENDE gelegenheden. Maar het komt Gods tegenstander erg goed uit dat christenen geloven dat het allemaal op één enkele dag zal plaatsvinden. Dan hoeven ze immers voorlopig nog nergens rekening mee te houden. Er wordt in deze video een zeer sinister en subtiel spel gespeeld, waarbij ervan wordt uitgegaan dat christenen hun Bijbel niet kennen.

12:00 Bij het invullen van de onderste regel staat er drie keer een bazuin en op basis daarvan wordt besloten dat in alle drie de plaatsen sprake zou zijn van één en dezelfde gebeurtenis, waarbij een engel de bazuin blaast (op basis van de zevende bazuin in Openbaring). En dat terwijl 1 Thess. 4 uitdrukkelijk vermeldt dat daar sprake is van ‘de bazuin van God’. Bovendien wordt bij het blazen van de zevende bazuin in Openbaring helemaal niets gezegd over een opstanding van doden. Integendeel, het uitgieten van de schalen, die daarna zal volgen, zal leiden tot zeer veel doden.

Wat ook opmerkelijk is, is dat helemaal niets wordt vermeld over het gebruik van de Joden op het feest van de bazuin. Petty begint wel zo mooi met het blazen van een Sjofar en doet allerlei beloften over het Joodse bazuinfeest maar hij maakt zo snel mogelijk de sprong naar de ‘zevende bazuin’ van Openbaring en neemt vervolgens aan dat dit ‘de’ bazuin is, de enige, waar het in al deze gedeelten om draait. Maar op het Joodse feest van de bazuin klinken er in Jeruzalem 99+1 = 100 stoten op de bazuin, waarvan de laatste het langst duurt, zolang de bazuinblazer adem heeft. Waarom zou dát niet worden bedoeld met de laatste bazuin? Alleen dan niet door Israël, maar door God geblazen, bij de opname van de gemeente. Als je zo graag de opname koppelt aan het Joodse feest van de bazuin, moet je helemaal niet beginnen met Openbaring, want dat is een uitermate christelijk boek, dat door Joden vrijwel niet wordt erkend. Het zal pas breed door Joden gelezen en begrepen gaan worden na de opname van de gemeente, in de grote verdrukking. Dan zal Openbaring het grote houvast voor de gelovige Joden betekenen.

13:30 Dan gaat Petty weer naar de bovenkant van het tableau. Nadat hij eerst ten onrechte heeft vermeld dat het gaat om één en dezelfde bazuin en één en dezelfde gebeurtenis, kijkt hij nu naar de Olijfbergrede, waar staat ‘na de verdrukking van die dagen’ en dus, concludeert hij, zal de opname van de gemeente ook plaatsvinden na de verdrukking. Echter, het gaat helemaal niet om dezelfde gebeurtenis. Het gaat niet om één enkele bazuin. Er zijn zeer vele verschillende bazuinen, die gedurende de ‘dag van de Heer’ worden geblazen, die niet een dag is van 24 uur maar een tijdperk van zijn komst en heerschappij. De eerste gebeurtenis van die ‘dag’ of dat tijdperk, is de opname van de gemeente onder het blazen van de bazuin door God Zelf, terwijl de Heer Zelf, zal neerdalen om zijn gemeente op te halen en te verplaatsen naar de hemel.

12:50 Hier begint Petty het vierde Bijbelgedeelte voor te lezen, Openbaring 20:4, 5. en dan zegt hij erbij dat dit de vier belangrijkste teksten zijn in het bespreken van de opname en de terugkeer van de Heer. Vreemd dat de allereerste vermelding van de opname, door de Heer Zelf, in de bovenzaal, vlak voor zijn lijden, Johannes 14:1-3, stelselmatig wordt weggelaten. In alle tot nu toe besproken video’s wordt dit gedeelte angstvallig verzwegen. Overigens gaat ook Openbaring 20 niet over de terugkeer van de Heer sec maar over wat direct daarna plaatsvindt. De terugkeer van de Heer op aarde, vinden we in Openbaring 19. En opnieuw is het voor Petty van belang om argeloze christenen, die de Bijbel nog niet goed kennen, meteen de mist in te sturen, met het suggereren dat het moment van opstanding van ‘de doden in Christus’ in 1 Thessalonisenzen hetzelfde moment is als het moment van het opstaan van de doden in Openbaring 20:4, om daaruit vervolgens te concluderen dat de opstanding en dus ook de opname gebeuren ‘na de verdrukking’.

13:30 Hier leest Petty Openbaring 20:4 en 5, waar staat: ‘En ik zag tronen, en zij gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven. En ik zag de zielen van hen die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het Woord van God, en die het beest en zijn beeld niet hadden aanbeden, en die het merkteken niet ontvangen hadden op hun voorhoofd en op hun hand. En zij leefden en gingen als koningen regeren met Christus, duizend jaar lang. Maar de overigen van de doden werden niet weer levend, totdat de duizend jaar tot een einde gekomen waren. Dit is de eerste opstanding.’

14:15 Hier wordt de leugen door herhaling nog eens goed ingewreven. Petty herhaalt: ‘de doden zullen opstaan aan het eind van de verdrukking, bij de zevende bazuin, of, zoals 1 Ko.15 zegt ‘de laatste bazuin’, want er zijn zeven bazuinen.’ Opnieuw stelt hij alle bazuinen gelijk – het maakt niet uit of sprake is van een bazuin van God of van een engel – het maakt niet uit of het bazuinfeest in Israël een totaal andere invulling geeft aan de bazuinen (99 + 1) – het maakt niet uit dat er bij het blazen van de zevende bazuin nog helemaal geen doden worden opgewekt maar dat er eerst zeven schalen van Gods toorn worden leeggegoten op aarde en grote overwinningen door Christus worden behaald. De meeste luisteraars weten dat toch niet en die kijken alleen naar het schema, waarbij onevenredig veel nadruk wordt gelegd op één ogenschijnlijke overeenkomst, namelijk dat er bazuinen worden geblazen. Alsof God niet een hele reeks van gelegenheden kan hebben klaarliggen, waarop Hij bazuinen zal (laten) blazen. Nee, door deze Petty wordt God beperkt in zijn vrijheid en gedwongen om dat allemaal te doen op één en dezelfde dag. Foei. Wat een vreselijke manier om de Bijbel uit te leggen en in te vullen met je eigen denkbeelden. Lees vooral de Bijbel niet want daarin staan namelijk heel andere dingen dan die Petty hier beweert. Als we het schema voltooien, krijgen we het volgende plaatje:


                        1 Thess.4                    Matth. 24                    1 Ko.15                    Op.20

Tijd                    niet gegeven            Na de verdrukking    De laatste bazuin        7e Bazuin

Christus?        In de wolken                In de wolken            Niet gegeven            Neerdalend

Wie wordt         Eerst de doden,      De uitverkorenen        De doden en de        Doden geoordeeld

vergaderd?      dan de levende                                            levende heiligen            Heiligen beloond

                            heiligen

Wie eerst?        De doden                Niet gegeven                De doden                    Niet gegeven

Wat hoor je?    De stem van een     Een bazuin                    De laatste bazuin        7e Bazuin

                        aartsengel + bazuin


Het rijtje onder Op.20 klopt niet. Niet alleen omdat de 7e bazuin van een engel niet overeenkomt met de bazuin van God uit 1 Thess. 4 maar ook omdat Christus daar niet neerdalend wordt gezien. Christus daalt neer in Openbaring 19 en verslaat daar de koningen en hun legers, die in de vlakte Harmagedon tegen Hem vergaderd zijn. Daarna wordt eerst de duivel nog gevangen gezet. En pas daarna vindt deze opstanding plaats. Die staat dus los van het neerdalen van Christus op aarde. Volgens 1 Thess.4 gaan de doden Christus tegemoet in de lucht. Daar is in Openbaring 20 geen sprake van. Christus is al lang en breed teruggekeerd, heeft al zijn vijanden al verslagen en daarna pas is sprake van dodenopstanding. Ook is er geen sprake van de ‘verandering’ van de lichamen van hen die nog leven op het moment van de Opname. Daarom wordt ook niet gezegd wat als eerste gebeurt – het gaat hier alleen om een opwekking van doden, niet om de opname. Die heeft namelijk al veel eerder plaatsgevonden, vóór de grote verdrukking.

Verder gaat Petty volledig voorbij aan iets belangrijks, wat in het begin staat van Op.20:4, namelijk waar: ‘En ik zag tronen en zij zaten daarop’. Dat onderwerp ‘zij’ verwijst naar mensen in het voorgaande gedeelte en de enigen waarvan daar sprake is, is de hemelse legers op witte paarden die de Heer Jezus volgen op zijn overwinningstocht vanuit de hemel. Zij zullen op tronen zitten en met Christus het oordeel uitoefenen. Wie zijn die hemelse legers? Waar komen die vandaan? Het is de gemeente, die eerder in Openbaring werd gezien als de vrouw van het Lam en de 24 oudsten, die met Christus verschijnen, zoals Paulus meermalen in zijn brieven schrijft en zij mogen oordeel uitoefenen, zoals ook al door Paulus is aangegeven. Dat veronderstelt een opname, voorafgaand aan de grote verdrukking en niet pas daarna.

Tot slot is het type gelovigen dat wordt opgewekt in 1 Thessalonicenzen 4 totaal verschillend van dat in Openbaring 20:4. In 1 Thess. 4 gaat het om ‘de doden in Christus’. In Openbaring 20:4 gaat het om ‘de zielen van hen die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het Woord van God, en die het beest en zijn beeld niet hadden aanbeden, en die het merkteken niet ontvangen hadden op hun voorhoofd en op hun hand.’ In het eerste geval gaat het om de gelovigen van het tijdperk van de gemeente tot aan de opname. In het tweede geval gaat het om mensen die tot geloof komen na de opname en die omgekomen zijn in de grote verdrukking. Alles wijst erop dat de gemeente voorafgaand aan de grote verdrukking wordt opgenomen.

14:30 Hier koppelt hij het ‘wij zullen de doden niet voorgaan’ van 1 Thess 4 aan het ‘na de verdrukking van die dagen’ uit Matth.24 en hij doet dat louter en alleen op basis van ‘de bazuin’, die in alle gedeelten wordt genoemd. Het is de herhaling van de leugen want die bazuinen zijn allemaal verschillend en de gebeurtenissen die rondom die bazuinen plaatsvinden zijn ook totaal verschillend, wat duidelijk blijkt uit de context van de vier Bijbelteksten.

15:00 Nogmaals een herhaling van de leugen, die Paulus en de Bijbel ons ‘duidelijk leren’. Dan probeert hij alles in één plaatje te gieten en dan blijkt duidelijk dat er niets van klopt want de doden zouden opstaan en samen met ‘ons’ de levenden, die overblijven tot zijn komst Hem tegemoet gaan in de lucht en dan Hem terugkeren naar de aarde… maar die doden staan pas op in Openbaring 20:4, nadat alle overwinningen al lang en breed zijn behaald. En dan zouden ze terugkeren op de Olijfberg. Echter, eerst worden het beest, de antichrist en alle koningen en legers van het rijk geoordeeld en pas daarna zal Christus zijn voeten op de Olijfberg zetten en afrekenen met de legers uit het Midden Oosten, die Israël waren binnengevallen en aanleiding hadden gegeven tot de laatste veldslag vóór Christus komst. Maar – nogmaals – dat is allemaal nog voordat de doden van de grote verdrukking opstaan.

15:30 Zonder ook maar enige grond voor zijn conclusie te hebben geboden – alleen de ‘overeenkomst’ van ‘bazuinen’, die blijken totaal verschillend te zijn – stelt hij dat er weinig grond is voor de pretrib rapture (opname voor de grote verdrukking). Dit is geen Bijbelleraar maar een verkoper van een idee. Hij stelt zich hier op het niveau van een verkoper van tweedehands auto’s.

18:00 Hier verschijnen nog twee Bijbelleraren aan tafel

18:20 Een zekere Myers verkondigt dat men op basis van 1 Thess. 4 ook al kan vaststellen dat geen sprake kan zijn van een pretrib rapture, behalve als je uitgaat van vooringenomen ideeën. Alsof dat niet het geval is met de opvatting die zij verkondigen. Ook zij gaan uit een vooringenomen idee, namelijk dat alles op één enkele dag gaat gebeuren. Maar in dat idee komen de Bijbelse gegevens heel wat minder goed tot hun recht dan in het ‘vooringenomen idee’ van een pretrib rapture.

Dan noemt hij het Griekse woord voor ‘tegemoet’, ‘met hen in wolken worden opgenomen, de Heer tegemoet in de lucht’. Dat woord zou duidelijk maken dat het gaat om een soort ophalen, iemand tegemoet gaan om hem vervolgens mee te nemen, zoals – daar is-tie weer – wanneer de burgers van een stad een belangrijk persoon op gingen halen en hun stad in begeleidden, zoals een keizer. En dat is de manier waarop we dit dan moeten lezen: de gemeente ‘haalt’ Christus op en begeleidt Hem naar de aarde. Fout. Dit is een leugen. Het Griekse grondwoord betekent gewoon tegemoet gaan en wat daarna gebeurt hangt helemaal af van de situatie. Zo wordt het woord in de Bijbel slechts enkele keren gebruikt. (1) Bij het tegemoet gaan van de maagden richting de bruidegom. Daar waren ze op weg naar het bruiloftsfeest in het dorp en het huis van de bruidegom en gingen zij na de ontmoeting met de bruidegom mee, naar zijn feest, dat hij had bereid. Vijf kwamen niet binnen omdat ze te laat waren. (2) Bij het tegemoet gaan van christenen van de stad Rome, toen Paulus naar Rome kwam als gevangene. Toen was de situatie omgekeerd en brachten ze Paulus bij hen binnen, op de manier waarvan ten onrechte wordt gezegd dat die altijd zou gelden.

Paulus schrijft dat wij de Heer tegemoet gaan in de lucht en vervolgens altijd bij Hem zullen zijn. Jezus Zelf zegt in Johannes 14:1-3 dat Hij ons plaat bereidt in het huis van de Vader, met de vele woningen en dat Hij ons komt halen opdat ook zij zullen zijn waar Hij is. Die twee teksten samen kunnen alleen maar betekenen dat Hij ons na onze ontmoeting met Hem in de lucht, de hemel binnenleidt en niet dat wij Hem terug begeleiden naar de aarde.

Bovendien begint 1 Ko.15:50 met ‘De vergankelijkheid beërft de onvergankelijkheid niet’, voordat gesproken wordt over de verandering van ons lichaam bij de laatste bazuin en bij de opname. En daarna zegt hij dat 'dit vergankelijke onvergankelijkheid moet aandoen’. De onvergankelijkheid is niet de aarde, want daarvan wordt gezegd dat die zal vergaan. De onvergankelijkheid is het huis van de Vader, de eeuwige woningen van God. Dat is niet op aarde maar in de hemel. Ook daaruit blijkt dat de bestemming van de opname de hemel is en niet de aarde. En dat betekent een opname die plaatsvindt vóór de grote verrukking.

19:30 Hier haalt Myers Openbaring 5:9-10 aan, waar staat dat ‘wij zullen heersen over de aarde’. Dit is een prachtig voorbeeld van rukken van Bijbelteksten uit hun verband en vervolgens alleen dat ene stukje gebruiken dat van pas komt. Want Myers geeft hier met zoveel woorden toe dat ‘wij’, de nieuwtestamentische gelovigen, degenen zijn die dit zeggen. Maar… Openbaring 5? Dat zijn de 24 oudsten in de hemel. Hoe komen wij daar, in de hemel? Zou dat misschien door de opname van de gemeente zijn gebeurd? En dat terwijl de grote verdrukking pas begint in Openbaring 6? Hij geeft hier dus gewoonweg toe dat hij er niet omheen kan dat de opname vóór de grote verdrukking plaatsvindt. Alleen argeloze gemeenteleden die de Bijbel niet kennen, prikken hier niet doorheen. Maar dan het argument zelf. Wij zullen ‘epi’ (Griekse grondwoord) de aarde regeren. Dit ‘epi’ betekent meestal ‘op’ maar kan ook ‘over’ betekenen. Het is je eigen vooronderstelde idee op de Bijbel drukken als je dit persé als ‘op’ wil vertalen. Maar dan nog… De gemeente is ook onderdeel van het nieuwe Jeruzalem en dat zal inderdaad vanuit de hemel neerdalen op aarde en in het duizendjarig rijk het stralend middelpunt van de Christusregering over de aarde zijn. Maar dit bewijst allerminst dat deze neerdaling naar de aarde meteen bij de opname al zou plaatsvinden. Integendeel. De 24 oudsten zijn vóór de grote verdrukking in de hemel.

19:50 Een zekere McNeely mengt zich in het gesprek, die gefascineerd is over hoe mensen deze specifieke leer opvatten en dan komt hij met een kolossale leugen dat het woord ‘rapture’ niet in de Bijbel staat. Het woord rapture is afgeleid van het Latijnse rapturo, dat een directe vertaling is van het Griekse Hapazo, dat door Paulus wordt gebruikt in 1 Thess 4. Wij worden in wolken ‘harpazo’ ‘rapturo’ – opgenomen. En daarna wordt het standaard stigmatiseringsverhaal verteld van de 19e-eeuwse theoloog (hij bedoelt JN Darby), die werkelijke kennis had van de Bijbel maar op dit specifieke punt de boot volledig miste, terwijl hij de hele zaak op enkele details na, volledig juist had. Het idee van een ‘secret rapture’, een opname in alle stilte, zoals die later is verfilmd, klopt inderdaad niet. Maar het moment van de opname had Darby wel degelijk juist en hij had veel meer schriftkennis dan deze drie heren aan tafel bij elkaar. Terecht geeft McNeely aan dat de leer van de opstanding erg belangrijk is. Maar dat maakt de leer van de opname nog niet onbelangrijk.

21:30 Hier wordt nog een sneer uitgedeeld naar de leer van de opname voor de grote verdrukking als zou dat egoïstisch zijn. Dat je wil ontsnappen aan de grote verdrukking en dat sprake zou zijn van een elitair clubje, dat zou ontkomen aan de verdrukking. Echter, die ontsnapping aan de grote verdrukking geldt niet alleen voor hen die geloven in een pretrib rapture maar voor allen die hun hoop en hun geloof op Jezus Christus hebben gevestigd, ook die met een wat andere toekomstverwachting, ook voor deze drie heren, als hun geloof in Jezus oprecht is. Wat dat betreft is die leer helemaal niet exclusief. Als christenen gaan we er ook vanuit door het werk van Jezus Christus gered te zijn van het eeuwig oordeel? Is dat soms ook ‘egoïstisch’ en ‘exclusief’? Verwezen wordt naar een romanserie met een bepaalde invulling die is gegeven aan de opname maar dat die specifieke invulling op onderdelen onjuist is, mag nooit een grond zijn om te concluderen tot een ‘dwaalleer’. Het zijn de drie heren aan tafel die met hun gegoochel met teksten de luisteraar een dwaalleer proberen aan te smeren.

22:40 Hier wordt een onterechte tegenstelling geschetst tussen de opstanding en de opname en wordt letterlijk gezegd dat hier geen sprake is van ‘een opname’. En dat is nu precies waar men uiteindelijk op uitkomt met de ‘post-trib’ rapture, een opname na de verdrukking, dat is de ontkenning van het fenomeen van de rapture zelf. Want waarvoor is dat inderdaad nog nodig, als de bestemming toch ‘planet earth’ is.

23:00 Hier wordt door Petty aan Myers gevraagd om in te gaan op het feest van de bazuin bij de Joden en daar blijkt dat hij daar niets van af weet want dan gaat hij het hebben over de zeven bazuinen van Openbaring, iets wat door Joden niet wordt gevierd en een speciale openbaring is van Jezus aan Johannes en waarvan de Joden bij de uittocht in 1500 voor Christus, toen de feesten van Israël werden ingesteld in de geschriften van Mozes (Leviticus 23), nog totaal niets wisten. En dan durft hij ook nog te beweren dat het blazen van de Sjofar geen Joodse maar een Christelijke aangelegenheid is. De kennis van deze heren om zinvolle dingen over de Bijbel te berde te brengen schiet hopeloos tekort. Ze kletsen maar wat. Ze blijven maar hameren op de zevende bazuin van Openbaring als de ‘laatste bazuin’ van 1 Ko.15, terwijl die twee totaal niet te vergelijken zijn.

24:50 Hier vraagt Petty aan McNeely of christenen het feest van de bazuin zouden moeten naleven. En dan is het verbazingwekkende antwoord: ja. Het juiste antwoord is: nee. Het is geen christelijk feest. Het is een Joods feest. Hij durft ook nog te beweren dat Paulus en Jezus dit leerden. Hij kent de schrift niet. Denk aan wat Jezus tegen zijn discipelen zei: ‘Een nieuw gebod geef ik u: dat u elkaar liefhebt’. En Paulus schrijft: ‘Maar nu zijn wij van de wet vrijgemaakt, gestorven aan dat waarin wij gevangen waren, zodat wij dienen in nieuwheid van geest en niet in oudheid van letter.’ En: ‘Christus is het einde van de wet (meestal in de zin van 'beëindiging', niet als 'einddoel') tot gerechtigheid voor ieder die gelooft.’ Daarom schrijft Paulus het volgende over het houden van feesten en van bepaalde dagen:

‘...hoe wendt u zich weer tot de zwakke en arme elementen, die u weer opnieuw wilt dienen? U onderhoudt dagen en maanden, tijden en jaren. Ik ben bang voor u, dat ik misschien tevergeefs aan hun heb gearbeid.’

‘Laat dan niemand u oordelen inzake eten en drinken of op het punt van een feest of nieuwe maan of sabbatten, die een schaduw zijn van wat zou komen…’

Conclusie

Door alle teksten, met het woord 'bazuin' erin, aan elkaar gelijk te stellen als één en hetzelfde moment, waarop Christus' terugkeer in al zijn facetten zal plaatsvinden, lukt het Petty en zijn Beyond Today om een argument te vinden voor een opname na de grote verdrukking. Echter, dan moet men wel de rest van de gebruikte Bijbelgedeelten negeren en de context volledig vergeten. Alleen door, met oogkleppen op, uitsluitend naar de 'bazuinen' te kijken en al het andere niet te willen zien krijgt hij het voor elkaar een argeloze kijker in zijn dwaalleer van de niet- bestaande opname te laten geloven. Want een opname na de grote verdrukking is helemaal geen opname. Het is een ophalen van Christus uit de hemel.

Verder hebben de heren van Beyond Today geen enkele kennis van het Rosh Hashanah feest van de bazuin, dat de Joden al sinds de uittocht uit Egypte vieren. Door te beweren dat dit overeenkomt met de zeven bazuinen van Openbaring en dat het een christelijk feest is, dat christenen ook zouden moeten vieren, laten zij zien nauwelijks enige kennis van het Nieuwe Testament te hebben. De slotconclusie is dat deze video uitstekent illustreert dat alle ontkenning van een pretrib rapture alleen gebaseerd kan zijn op een totaal gebrek aan kennis van de Bijbel.

WORDT VERVOLGD

- 15 oktober 2021 -

opname

Ik kom weer en zal u tot Mij nemen